Rond mijn 18e ging ik op mezelf wonen. Het voelde als een vlucht uit het ouderlijk huis. Mijn ouders waren ongeveer twee jaar daarvoor gescheiden en ik was met mijn moeder elders gaan wonen. Op het moment dat ik een relatie kreeg, ging het knellen. Mijn moeder vond het lastig dat ik mijn aandacht ook op mijn eigen leven ging richten. Om de eerste stap te zetten om los te komen van mijn moeder, zag ik geen andere keuze dan uit huis te gaan. Dus mijn nieuwe liefde en ik gingen samenwonen.
Bij het inrichten van ons stulpje kwamen zijn moeder en mijn moeder helpen. Met enige spanning in mijn lijf zag ik beide moeders proberen terrein te winnen in ons nieuwe thuis, onder andere door te bepalen hoe de kastjes in de keuken ingericht moesten worden. Op zich iets kleins, maar het bepaalde de ruimte die er niet was om iets op je eigen manier te mogen doen.
Rond mijn 30e verjaardag ging ik me verdiepen in emotioneel lichaamswerk. Tijdens een van de weekenden werden de mannen van de vrouwen gescheiden en gingen we het bos in. Daar gingen we door middel van oefeningen het verschil ervaren tussen de machtsstrijd aangaan en elkaar aanmoedigen. Al snel bleek dat er in het elkaar ondersteunen meer resultaat zat, en bovenal meer energie en plezier.
De grootste eyeopener voor mij zat in het feit dat deze mannen dezelfde issues met hun moeders hadden als ik. Tot dat moment had ik de dynamiek tussen mij en mijn moeder gekoppeld aan mijn homoseksualiteit. In deze mannengroep, waar ik de enige homoseksuele man was, bleek dus dat het daar niets mee te maken had. Het heeft alles te maken met de relatie tussen moeders en zonen. Voor mij was het net zo pijnlijk, verwarrend, frustrerend en lastig om mijn eigen plek in te nemen ten opzichte van mijn moeder, ten opzichte van mezelf en dus ook ten opzichte van de wereld, als voor de andere mannen.
Het is een heel traject geweest om als volwassene hiermee aan de slag te gaan. Verantwoordelijkheid nemen over mijn eigen leven. Telkens mocht ik weer een laag aanraken en opruimen. Langzaamaan ging ik de regie nemen over mijn eigen leven. Een leven vanuit mijn eigen waarden en normen. Grenzen en ruimte die voor mij belangrijk zijn. Een Eigen-Wijs leven.
Nu kan ik voelen hoe groot de liefde is tussen moeders en zonen. Hoe groot de liefde van mijn moeder voor mij was. En dat dit ook pijnlijk, verdrietig en lastig was, mag en kan ik ook voelen. Wat een pad is dat geweest om dit in balans te krijgen. Ik kan het bijna mijn levenswerk noemen.